
Geschiedenis
Begin 1970 was er in de zorg nog nauwelijks sprake van professionalisering; er waren geen aanspreekbare werkgeversverenigingen en geen cao's. Voor verplegende en verzorgende functies bestond een aantal (vrijwillige) salarisadviesregelingen, die niet waren gebaseerd op functie-inhoud, maar op functiebenaming.
Door de groei van de zorg, het maatschappelijk belang ervan en de discussies over de financiering, werd bij de overheid, werkgevers en werknemers de behoefte aan organisatie en regelgeving steeds groter. Dit leidde uiteindelijk tot de vorming van een werkgeverskoepel: de Nationale Ziekenhuisraad (NZR).
Cao Ziekenhuiswezen
De oprichting van de NZR en het pensioenfonds PGGM begin jaren zeventig, resulteerde in de eerste gezamenlijke cao Ziekenhuiswezen in 1977. Echter, deze cao miste een loongebouw en een fundament dat de verschillen in beloning kon rechtvaardigen. Vanaf dat moment werden de eerste stappen gezet voor het ontwikkelen hiervan. De functies van honderdduizenden medewerkers in ziekenhuizen, verpleeghuizen, psychiatrische ziekenhuizen en de gehandicaptenzorg werden onder de loep genomen, gewaardeerd en geordend en in 1985 werd het eerste functiewaarderingssysteem geïntroduceerd in de (intramurale) instellingen.
Naar FWG 3.0
De grote veranderingen in de opzet en de organisatie van de zorg in Nederland en de veranderde kijk op de sector vanuit de maatschappij, maakte het in 1992 noodzakelijk de inhoud en de vormgeving van het functiewaarderingssysteem te toetsen op actualiteit. Daarop werd in 2000 het nieuwe en huidige systeem, FWG 3.0, ingevoerd. De grootste verandering op dat moment was de overgang van een reeks mappen naar de cd-rom, waardoor functiewaardering voor de instellingen een stuk gebruiksvriendelijker werd. Dit criterium – gebruiksvriendelijkheid – stond ook aan de basis van de meest recente ontwikkeling binnen FWG. Namelijk de mogelijkheid FWG 3.0 via internet, als een webapplicatie, te gebruiken.
Van koepel naar zelfstandige brancheorganisaties
Het beheer en de ontwikkeling van FWG 3.0 lagen tot 2000 in handen van de zorgbranchekoepel NZf. De koepel hield echter op te bestaan. De zelfstandige brancheorganisaties Arcares, GGZ Nederland, NVZ en VGN gingen verder op basis van een eigen cao. Ook FWG kwam op zichzelf te staan en functioneert sinds 2001 als zelfstandige organisatie met de genoemde brancheorganisaties als vennoten. De brancheorganisaties bleven in hun eigen cao's FWG als systeem hanteren voor de rangordening van functies. Leden van de brancheorganisaties (de zorginstellingen) namen het functiewaarderingssysteem FWG 3.0 vanaf dat moment op basis van een abonnementsovereenkomst af van FWG CV.
FWG CV houdt zich continue bezig met zowel het systeem als de ondersteunende producten en diensten door te ontwikkelen en hét kenniscentrum te zijn voor alle vraagstukken met betrekking tot sociaal beleid in de zorg.
FWG Advies BV
Om de scheiding tussen datgene waar de zorginstellingen de abonnementsgelden voor betalen en de aanvullende producten en diensten voor alle partijen inzichtelijk te maken, zijn de additionele activiteiten per 1 januari 2006 officieel ondergebracht bij FWG Advies BV. Sindsdien bestaat FWG uit twee takken: de CV voor het beheer, de ontwikkeling en het onderhoud van het functiewaarderingssysteem; de BV voor de opleidingen, publicaties en bijeenkomsten ter ondersteuning in de toepassing van FWG 3.0 en het adviseren op het gebied van functiewaardering en organisatieontwikkeling. Daarbij richt FWG CV zich voornamelijk op de abonnementhouders als collectief, terwijl FWG Advies haar aanbod richt op de vraag van de individuele instelling. Advies op maat en incompany opleidingen worden dan ook meer en meer gegeven.
Samen verder
FWG CV en FWG Advies hebben begin 2009 besloten onder een vlag verder te gaan: FWG. Dat betekent dat de afzonderlijke bedrijfsonderdelen blijven bestaan maar worden samengevoegd in één overkoepelende organisatie. Hiermee wil FWG duidelijk maken dat wij één bedrijf zijn en dé autoriteit op het gebied van functiewaardering, belonen en het motiveren van medewerkers in de zorg.
| Geschiedenis |





